Op zondag 5 juli zat de LJG Den Haag helemaal vol. Het was de installatiedienst van de nieuwe rabbijn Asjer Waterman. Lees hier zijn speech.
Speech installatiedienst 5 juli 2026
Rabbijn Asjer Waterman
De stad Den Haag was voor mij lang synoniem aan Loosduinen, de buurt waar mijn opa en oma woonden. Rondom de Aaltje Noordewierstraat verkende ik de straten via de skelter, at poffertjes op de boulevard, haalde met oma afgeschreven boeken uit de bibliotheek, deed heitje voor een karweitje met een van mijn neven en kocht van de opbrengst stroopsoldaatjes bij de snoepwinkel bij het Waldeck winkelcentrum.
Tijdens de dienst eerder dit jaar waarin ik mijn semicha ontving, werd de show gestolen door een verrassingsspeech van mijn vader aan het einde van de dienst. Dat laat ik mij vandaag niet nog een keer gebeuren. Denk ik tenminste. In die speech noemde hij mijn oma Mimi. Dat was gepast daar, in de sjoel in Amsterdam, die haar thuisbasis was. Vandaag, tijdens mijn installatie hier in Den Haag, wil ik ook mijn opa Jean en oma Truus noemen. Niet omdat deze synagoge hún thuisbasis was — ze zullen er waarschijnlijk nooit zijn geweest — maar omdat zij decennialang onderwijzers waren, hier, in deze stad. Een rabbijn is in de eerste plaats een Joodse leraar. Mijn installatie hier voelt daarom als een soort symbolische samenkomst van al mijn grootouders: het Jodendom en de betrokkenheid bij de LJG aan de ene kant, het Haagse onderwijzerschap aan de andere.
Het is jammer dat geen van hen hierbij hebben kunnen zijn. Jehie zichram baroech.
עֲקַבְיָא בֶן מַהֲלַלְאֵל אוֹמֵר, הִסְתַכֵל בִשְלשָה דְבָרִים וְאִי אַתָה בָא לִידֵי עֲבֵרָה. דַע
מֵאַיִן בָאתָ, וּלְאָן אַתָה הוֹלֵךְ, וְלִפְנֵי מִי אַתָה עָתִיד לִתֵן דִין וְחֶשְבוֹן
Akavja de zoon van Mehalalél zegt: beschouw drie zaken en je zult niet dwalen: weet waar je vandaan komt, waar je naartoe gaat, en voor wie je verantwoording zult afleggen.
Weet waar je vandaan komt
Het leven van een mens staat nooit op zichzelf. Iedereen komt ergens vandaan, draagt een geschiedenis mee. Niet voor niets is een Joodse naam altijd een combinatie: de eigen naam, aangevuld met de naam van je ouders. Weet waar je vandaan komt, want dat houdt je met beide benen op de grond. Wortels geven houvast. Een boom met zwakke wortels wordt bij de eerste de beste windvlaag omvergeblazen. Een boom met sterke wortels houdt stand en groeit juist dóór die storm heen verder omhoog.
Niet alleen mensen hebben wortels. Ook gemeenschappen hebben ze, en moeten beseffen waar ze vandaan komen om niet te dwalen. Je hoeft in dit gebouw maar om je heen te kijken om die wortels te zien. Deze liberaal-Joodse gemeente staat op de schouders van wie ons voorgingen: vroegere leden, gemeenteleiders en rabbijnen. Sommigen van hen zitten hier vandaag in de zaal. En we zijn onderdeel van een nog bredere geschiedenis van Joods leven in deze stad, een geschiedenis waar dit gebouw, gebouwd door de Portugese Joden van Den Haag, nog altijd van getuigt.
Weet waar je naartoe gaat
Maar het is niet goed om te blijven hangen in het verleden. Weet ook waar je naartoe gaat, zegt Akavja. Want wie alleen achteromkijkt, loopt het risico daar te blijven staan. Als de vrouw van Lot, veranderd in een zoutpilaar. Kijk vooruit. Durf na te denken over de richting die je uit wilt.
Want waar wíllen we naartoe? Tijdens mijn werk bij JMW werkte ik mee aan vier toekomstbeelden voor de Joodse gemeenschap in Nederland. Op basis van gesprekken met Joodse Nederlanders tekenden zich vier mogelijke richtingen af waarin die gemeenschap zich zou kunnen ontwikkelen. Voor mij is volstrekt duidelijk welke richting de voorkeur heeft. Een Joodse gemeenschap waarin mensen zich thuis voelen. Waarin ruimte is voor afwijkende meningen over religie en politiek. Waarin niemand hoeft te kiezen tussen zijn
identiteiten, maar iedereen met trots en zonder voorbehoud zowel Joods kan zijn als duizend-en-één andere dingen. Een gemeenschap die haar geschiedenis en traditie kent. Want echte vernieuwing, zoals wij die in het liberale Jodendom voorstaan, kan alleen groeien uit kennis van die traditie die we vernieuwen. Wie wil meepraten, moet de taal spreken. En bovenal: een gemeenschap waarin Joods leven positief is, betekenisvol, en zichtbaar.
Weten waar je vandaan komt én waar je naartoe gaat staat per definitie haaks op nostalgie. We moeten niet terugverlangen naar een geïdealiseerd verleden van, laten we zeggen, honderd jaar geleden. Wie zijn verbeelding beperkt tot een blik achterom, doet zichzelf tekort. Het verleden krijgen we niet terug. Maar de toekomst, die is maakbaar. Die ligt in onze handen, en wij mogen haar vormgeven zoals wíj dat willen.
Het jodendom leert ons dat de toekomst niet vastligt. Dat mensen hun gedrag kunnen veranderen om de wereld beter te maken. Dat er een betere wereld bestaat die ons ooit ten deel zal vallen. Niet omdat die ons overkómt, maar omdat wíj haar bouwen. Met onze handen. Met onze verbeeldingskracht.
Joods zijn, anno 2026, betekent voor mij: die hoop vorm durven geven. Pleitbezorger zijn van die hoop en van die betere toekomst, ook — misschien juist — op de momenten dat dat lastig lijkt. En ik hoop van harte dat u dat, samen met mij, wilt gaan doen.
Weet aan wie je verantwoording zult afleggen
Maar, zegt Akavja zoon van Mehalalél, weten waar je vandaan komt en waar je naartoe gaat is niet genoeg. Weet ook aan wie je verantwoording zult moeten afleggen.
Dat is, denk ik, een verantwoording in twee richtingen. Er is een verticale verantwoording: tegenover de Eeuwige, tegenover iets dat groter is dan wijzelf, een maatstaf die niet door onszelf is uitgevonden en die we dus ook niet zelf kunnen bijstellen als het ons beter uitkomt. En misschien ook wel verantwoording aan dat verleden, aan onze traditie. Maar er is ook een horizontale verantwoording: tegenover de mensen om ons heen, tegenover de wereld waarin wij als Joodse gemeenschap middenin staan, en niet ernaast.
Een gemeenschap die alleen verticaal verantwoording aflegt, sluit zich al snel af. Veilig misschien, maar ook geïsoleerd. Een gemeenschap die alleen horizontaal verantwoording aflegt, loopt een ander risico: ze laat zich zozeer bepalen door wat de wereld om haar heen van haar vindt, dat ze haar eigen wortels loslaat om maar in een goed daglicht te staan. Wij hebben, denk ik, beide vormen van verantwoording nodig. Ze houden elkaar in evenwicht.
Dat betekent dat wij ons, als Haags-Joodse gemeenschap, niet kunnen verschuilen. Onze weg van verleden naar toekomst voert door gesprek met de wereld daarbuiten. Dat is onze horizontale verantwoording. Maar dat gesprek voeren we niet in het wilde weg; het staat in dienst van iets dat groter is dan de actualiteit van vandaag, en dat is onze verticale verantwoording. Laten we geen gemeenschap zijn die zich afsluit uit angst zichzelf te verliezen in het gesprek met de wereld. Maar ook geen gemeenschap die zichzelf verliest in de behoefte om door die wereld gezien en goedgekeurd te worden.
Onderweg
De parasja van deze week is matot-masei, waarin we lezen over de tweeënveertig haltes die het Joodse volk aandeed tussen de uittocht uit Egypte en het binnengaan van het beloofde land. Fases in een geschiedenis. Geen van die tweeënveertig haltes was de bestemming en toch was elke halte noodzakelijk om uiteindelijk aan te komen.
Volgens de Ba’al Sjem Tov staan die haltes niet alleen voor plekken op een kaart, maar ook voor de fases in het leven van een mens.
Vandaag is zo’n halte. Niet het einde van een reis, en ook niet het begin ervan. Een moment ergens onderweg. Een moment waarop wij, precies zoals Akavja ons opdraagt, stilstaan: om te beseffen waar we vandaan komen, waar we naartoe gaan, en aan wie we verantwoording zullen afleggen.
Een gemeenschap is in de kern een groep mensen die heeft besloten om samen te reizen. Ik kijk naar deze zaal, en ik zie geen eindpunt, ik zie een volgende etappe. Mensen die hier al decennia bij horen, naast mensen die nog maar net de keuze hebben gemaakt om zich bij de kille aan te sluiten. Een kleurrijke groep, met verschillende geschiedenissen, overtuigingen, ambities en verwachtingen. En precies die veelkleurigheid is wat een gemeenschap sterk maakt.
Onze wortels reizen met ons mee. Ze houden ons niet vast op één plek, ze geven ons juist de kracht om verder te trekken. De toekomst die ik voor ons zie, ligt niet klaar om opgehaald te worden. Die bouwen we samen. Stap voor stap. Van halte naar halte. Gesprek voor gesprek.
Om hier vandaag, voor de zoveelste keer in een paar weken, een sjoel vol enthousiaste mensen te zien, mensen die er zin in hebben, die samen willen bouwen aan die toekomst: dat geeft mij hoop, en dat geeft mij energie. Dank jullie wel dat jullie vandaag allemaal gekomen zijn. Bedankt ook aan Marianne, voor het zijn van een voorbeeld, en dat je zo’n fantastische kille voor mij achterlaat die leeft en bruist. Waarop stevig op kan worden verder gebouwd, op weg gaan naar een nog betere toekomst. Ik kijk ernaar uit die reis samen met jullie af te leggen.
Lees meer over de nieuwe rabbijn van Den Haag: https://ljgdenhaag.nl/rabbijn/
Nog meer achtergrond: https://verbond.eu/nieuwe-rabbijn/